Back to top

Trollenwandeling - POTTELIKKER

Op de achtste dag voor kerstmis kwam de ergste haagtrol erbij: Pottelikker; hij was niet alleen vies en stonk, maar hij was ook heel lui. Hij zocht niet naar eten, maar wachtte tot het hem voorgeschoteld werd. Hij kroop weg onder de zetel of onder een kast, wachtte tot de hond of kat zijn pot met etensresten kreeg, gritste die weg en wrat hem leeg. Hij was juist een hondenpot aan’t uitlikken toen zijn broers eraan kwamen. “Ha stinkerd, zijde daar!” “ok ne goeie morregend” antwoordde hij.
“Wettet al...” zo kwam Potlikker alles te weten. “Amai da’s  nog genne kouwe kak”  zei hij “maarre ‘k hemme kik met die bengels gèn uitstaans.” En hij trapte het af. Toen hij de volgende trog uitlikte keek hij vlak in de trieste snuit van een straathondje. Dat pakte hem een beetje. Dus ging hij iets anders doen dan de anderen. Hij ging niets voor de kinderen maken maar voor hun huisdieren...
Bijtstokken, houten ballekens, bollekens wol, bobijntjes, hij stak van alles in de schoenen en wachtte af.
Ja, ja ’s anderendaags speelden de kinderen met hun huisdieren, het nare schuldgevoel gleed van hem af en hij dacht weeral aan de volgende pot...

Lees het verhaal van Deursmijter